Vandaag, vrijdag 30 november 2007, vond dag acht plaats van de verhoren van de parlementaire onderzoekscommissie onderwijsvernieuwingen, waar ook D66 Kamerlid Boris van der Ham deel van uit maakt. Na gisteren, toen de Tweede Fase centraal stond, werd vandaag gesproken over het VMBO. Onder de verhoorden was onder andere Hans Corstjens, Frans Wisman en oud ChristenUnie politicus Karst Veling. Die laatste is nu rector van een groot VMBO.
'Scholen in de steek gelaten' 'De overheid heeft de scholen in de steek gelaten. Nadat de wetgeving over het voorbereidend middelbaar onderwijs (vmbo) rond was, heeft het ministerie zich onvoldoende met die schoolvorm bemoeid. Terwijl het voor de scholen toen pas begon', dat constateerde OCW-ambtenaar Hans Corstjens vrijdag in de hoorzitting van de parlementaire onderzoekscommissie Onderwijsvernieuwingen. De ambtenaar erkende dat het ministerie voor de ingrijpende verandering te weinig tijd had genomen. Eerdere ondervraagden lieten al weten dat voor belangrijke wijzigingen van het onderwijsstelsel zeker tien jaar moet worden uitgetrokken.
Interimwet Corstjens en zijn collega Frans Wisman stelden dat het noodzakelijk was dat moeilijk lerende leerlingen en leerlingen met gedragsproblemen ook het vmbo zouden volgen. Dat had, zo meldde Wisman, te maken met het aflopen van een interimwet waardoor de bekostiging van de scholen waar ze vandaan kwamen ,,in de lucht kwam te hangen''.
Knuffelschool Veel van die scholen, waar in totaal 10.000 leerlingen op zaten, hadden vooral een opvangfunctie. In de enquêtezaal viel daarvoor al het woord knuffelschool. De scholen moesten in het vmbo meer 'diplomagericht' worden, was de gedachte van het ministerie.
Corstjens maakte duidelijk dat de behoefte aan integratie was ingeven door financiële overwegingen. Leerlingen in het speciaal onderwijs zijn twee keer zo duur als die in het reguliere onderwijs. ,,Het kabinet was op zoek naar het dichtschroeien van autonome regelingen en mikte op volumebeheersing.''
Het ministerie was verrast door de enorme toename van het aantal zorgleerlingen na de integratie. De verwachtingen waren dat een op de vijf leerlingen extra zorg nodig zou hebben. Momenteel geldt dat voor ongeveer de helft van de leerlingen.
Staatssecretaris negeerde advies Staatssecretaris Tineke Netelenbos (Onderwijs) zou in het voorjaar van 1997 het advies gekregen haar wetsvoorstel voor de invoering van het vmbo niet in te dienen. Dit werd haar geadviseerd door Ankie Verlaan, destijds plaatsvervangend directeur voortgezet onderwijs op het ministerie van Onderwijs. Verlaan vertelde dat tijdens de hoorzittingen van de parlementaire commissie Onderwijsvernieuwingen. "Ik heb de staatssecretaris het advies gegeven om te wachten met de indiening en het voorstel nog eens goed te overdenken", zei de voormalige onderwijsambtenaar. Ze voegde daaraan toe dat de boodschap niet bij de minister aankwam. "Er was geen discussie mogelijk". De commissie kreeg echter geen duidelijkheid wanneer ze werkelijk dit tegen de staatssecretaris gezegd zou hebben.
Karst Veling trots op zijn VMBO
Anno 2007 is het imago van het vmbo niet best. Kars Veling, rector van het Johan de Witt College voor vmbo, havo en vwo in Den Haag, verbaast zich daarover. Hij is trots op zijn school. Zowel de tweede fase als het vmbo zijn er met redelijk succes ingevoerd.
Aan klagende schoolleiders heeft Veling, die ook leraar, lid van de Onderwijsraad en parlementariër was, geen boodschap. "We moeten niet doen alsof de onderwijsvernieuwingen door de politiek afgedwongen zijn", aldus Veling. "Leerlingen worden steeds mondiger en onrustiger. Het is vanzelfsprekend dat we daarop moeten inspelen met nieuwe vormen van onderwijs."
Vijf jonge meiden gaven daarvan vervolgens blijk. Ze waren de eerste scholieren die door de commissie werden gehoord. "De jongens zijn niet gekomen, omdat ze niet durfden", lieten ze weten.