D66-Kamerlid Boris van der Ham wil dat de politiek zich niet bemoeit met wat er op tv te zien is. Minister Plasterk (OCW, PvdA) stelt voor om een mediacode in te voeren. Hiermee zou moeten worden bepaald wat smakeloos of verwerpelijk is en zo de programmering beïnvloeden. Van der Ham: "We moeten niet vanuit Den Haag bepalen wat goede smaak is."
Volgens Van der Ham is het goed om te praten over wat er te zien is op tv: "Het is de verantwoordelijkheid van ouders om te bepalen wat zij en hun kinderen kijken, en zij hebben de taak om kinderen begeleid kennis te laten maken met de wereld om hen heen. Dat maakt de kinderen weerbaar." D66 vindt de eigen initiatieven van scholen om aan mediaeducatie te doen ook goed. D66 stelt dat een mediacode erg vatbaar isvoor de waan van de dag. "Op voorhand werd er van alles gezegd over de `Donorshow' van BNN. Er werd geroepen dat het verboden moest worden. De uitzending bleek een integere actie om wachtlijsten voor donororganen te verkorten", aldus Van der Ham.
Er bestaan al toezichthouders die de inhoud van tv-programma's controleren. De Raad voor de Journalistiek kan de programma's toetsen. En in Nederland hebben wij de rechter die na afloop van een uitzending een straf kan opleggen, als is vastgesteld dat er strafbare feiten zijn gepleegd. Het moet daarom niet zo zijn dat politici op voorhand al een programma kunnen verbieden. Bovendien hebben de media eigen ongeschreven regels die ervoor zorgen dat niet zomaar alles op tv wordt uitgezonden. Toch is eigen verantwoordelijkheid is volgens Van der Ham het belangrijkste: "Vergeet niet dat er gewoon een knop op je tv zit."